Dekberen

Dekberen zijn belangrijk voor het ras. De gemiddelde dekbeer heeft (veel) meer nakomelingen dan de gemiddelde fokzeug, en drukt daardoor een veel groter genetisch stempel op de populatie. Daarom is het belangrijk dat veel aandacht wordt besteed aan de keuze, welke beertjes als toekomstig dekbeer mogen fungeren.

Uit recent wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat erfelijke ziekten in een populatie onvermijdelijk toenemen, wanneer er te weinig dekberen (-rammen, -stieren, -reuen enz.) beschikbaar zijn. Een dekbeer zou volgens dit onderzoek in het ideale geval aan maximaal 5% van de dieren die er in de populatie aanwezig zijn, verwant mogen zijn. Wanneer dekberen snel vervangen zouden worden, al na enkele dekkingen, dan zou dat wel haalbaar zijn. De realiteit is echter, dat onze dekberen vaak jarenlang als zodanig dienst doen. Dat is wel begrijpelijk; onze kunekunes (ook de beren) zijn immers merendeels gezelschapsvarkens, die we niet al na enkele dekkingen zullen afdanken c.q. laten slachten. En het castreren van een volwassen beer is ook geen kleinigheid. Deze beren hebben daardoor al snel in onze kleine varkenspopulatie een onverantwoord hoog percentage nakomelingen. Daarom hebben we meer fokberen nodig, die slechts af en toe worden ingezet. Het aantal biggen dat jaarlijks geregistreerd wordt in aanmerking nemend, schatten wij dat om een gezonde populatie in stand te houden er in Nederland minimaal 20 dekberen beschikbaar zouden moeten zijn.

De KKVN wil dan ook aanmoedigen dat er meer fokberen komen. Anderzijds willen we er ook voor waarschuwen, dat intacte beren niet zonder meer geschikt zijn als gezelschapsdier. Er zijn veel zeer vriendelijke en rustige intacte kunekune

beren, maar het is goed om je te realiseren dat een intacte beer onvoorspelbaar en soms gevaarlijk gedrag kan vertonen, met name wanneer er een berige zeug in de buurt is. Agressie is vrij zeldzaam maar komt wel voor; ook in Nederland zijn daar helaas enkele nare ervaringen mee opgedaan. Een intacte beer is dus zeker niet een ideaal huisdier in bij voorbeeld een gezin met kleine kinderen!

Dat gezegd hebbende, wil de vereniging stimuleren dat meer dekberen gehouden worden door verantwoordelijke fokkers, die weten waar ze aan beginnen. Wanneer u overweegt om van uw toom biggen een beertje intact te laten, maar nog niet veel ervaring hebt met het selecteren van fokdieren, aarzel dan niet om advies te vragen aan een ervaren fokker! Te vaak wordt de keus voor een fokbeertje bepaald aan de hand van de kleur (mooie c.q. populaire vachtkleur) en het aantal piri’s. Kleur is echter in feite volledig onbelangrijk, en de aanwezigheid van 2 piri’s is als typisch raskenmerk leuk , maar ook ondergeschikt aan veel belangrijker kenmerken. Lang- of kortneuzig, hoog- of laagbenig, klein of groot, het zijn geen aspecten waarop geselecteerd zou moeten worden. Het liefst zien we juist een grote variatie aan dekberen, zodat iemand bij voorbeeld bij zijn kortneuzige laagbenige zeugje een partner kan zoeken met een wat langere snuit en poten, om overdreven eigenschappen bij de biggen te voorkomen.

Waar wel op geselecteerd moet worden, zijn met name gezondheidsaspecten.

Erfelijke (of mogelijk erfelijke) afwijkingen sluiten een beertje uit van het dekbeerschap. Angstige of niet sociale dieren zouden wij ook niet als fokdier willen selecteren. We willen het (gezien al het bovenstaande) zeker niet te moeilijk maken voor onze leden om een dier als dekbeer aan te houden. We menen echter als KKVN wel een aantal minimumeisen te moeten stellen waaraan een dekbeer moet voldoen om op de KKVN website als dekbeer te worden vermeld. Deze eisen zijn:

1. geen lies-/balzakbreuk

2. geen crytorchisme of monorchisme (binnenberen)

3. geen afwijkende voet- of beenstand (b.v. doorgezakte of sterk uitdraaiende voeten)

4. geen andere aangeboren afwijkingen,

b.v. gespleten verhemelte, gebitsafwijkingen (waardoor voedsel-inname wordt bemoeilijkt), hartafwijkingen enzovoorts.

Wij willen aanmoedigen dat eigenaren van dekberen naast goed gelijkende foto’s van hun dier tevens een dierenartsverklaring overleggen, waaruit blijkt dat de beer geen van de bovengenoemde gebreken vertoont. Beren met een dergelijke dierenartsverklaring zullen op de KKVN website worden aangeduid als goedgekeurde/aanbevolen dekbeer.

Nogmaals, bij twijfel of vragen over het al of niet geschikt zijn van een beertje als fokdier: vraag advies van een ervaren fokker!

Dinant Sok Bestuurslid

Dit bericht is geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink.